Begrip uit de arbeidsdeskundige praktijk — kort en feitelijk uitgelegd.
Home • Begrippenbank • Restverdiencapaciteit
Restverdiencapaciteit
Wat iemand met zijn beperkingen theoretisch nog kan verdienen in passende functies; samen met het maatmanloon bepaalt dit het arbeidsongeschiktheidspercentage.
In gewone taal
Restverdiencapaciteit is wat iemand met zijn beperkingen theoretisch nog zou kunnen verdienen. Het woord „theoretisch” is wezenlijk: het gaat niet om wat iemand feitelijk verdient, maar om wat hij op de arbeidsmarkt zou kunnen verdienen in functies die bij zijn belastbaarheid passen.
De arbeidsdeskundige van UWV zoekt daarvoor functies in een gestandaardiseerd systeem, op basis van de functionele mogelijkhedenlijst van de verzekeringsarts. Uit die functies volgt een bedrag, en dat bedrag wordt afgezet tegen het maatmanloon.
Waarom het ertoe doet
Hier valt de beslissing over de WIA. Het verschil tussen maatmanloon en restverdiencapaciteit is het arbeidsongeschiktheidspercentage — en dat bepaalt of er recht op uitkering is en welke regeling geldt.
Dit verklaart ook waarom iemand die zich niet in staat voelt te werken, toch onder de 35 procent kan uitkomen. Er zijn kennelijk functies gevonden die binnen de belastbaarheid passen. Wie het daar niet mee eens is, moet dus niet de arbeidsongeschiktheid bestrijden maar de geselecteerde functies.
Wat u er in de praktijk mee doet
- Bekijk bij een tegenvallende uitkomst welke functies zijn geduid en of de belastbaarheid daar werkelijk bij past.
- Zorg dat het belastbaarheidsbeeld vóór de beoordeling actueel en volledig is — daar begint de hele berekening.
- Overweeg een onafhankelijke arbeidsdeskundige beoordeling als de duiding vragen oproept.
Verwante begrippen
Verder lezen: Second opinion of aanvullende beoordeling.